© 2016 - K'hilat Bet Yosef®

  • Facebook Social Icon

"Zie, Ik zal het stuk hout van Jozef nemen, dat zich in de hand van Efraïm bevindt,

en van de stammen van Israël, zijn metgezellen,

en Ik zal het bij het stuk hout van Juda voegen,

en Ik zal ze tot één stuk hout maken.

Ze zullen in Mijn hand één worden...

Zie, Ik ga de Israëlieten nemen uit de heidenvolken waarheen zij gegaan zijn.

Ik zal hen van rondom bijeenbrengen en hen naar hun land brengen."

De G'd van Israël heeft voor Zijn volk feesttijden (Hebr. Mo’adiem) aangewezen,

voor ontmoeting met Hem en met elkaar.

 

In Leviticus 23 lezen we over de Mo’adee JHWH, de hoogtijdagen van JHWH. De weekindeling - van 6 werkdagen met de 7e dag van rust en samenkomst - vormt de basis van de feestencyclus.

De Moadiem zijn oogstfeesten voor Israël, maar ook een herinnering aan de grote daden van G'd in het verleden. Tevens vormen ze met elkaar een perfecte afbeelding van het grote herstel- en verlossingsplan voor Israël en de volken.

De Moadiem zijn te verdelen in voorjaarsfeesten en najaarsfeesten.

 

De voorjaarsfeesten zijn Pesach, het feest van de Ongezuurde Broden (Matzes), en het Wekenfeest.

De najaarsfeesten bestaan uit Bazuinendag (Joods Nieuwjaar), Grote Verzoendag, Loofhuttenfeest en het Slotfeest.

Onze terugkeer naar de Bijbelse wortels van het geloof en de onderhouding van de Shabbat is niet volledig zonder viering van de feesten van JHWH.

Shabbat

De beschrijving van G'ds feesten – de feesttijden van JHWH – begint met de Shabbat. 

De Shabbat hoort bij de schepping, Genesis 2:1-3:

“Voltooid waren hemel en aarde en al wat erbij behoorde. Op de zevende dag had G'd Zijn werk, dat Hij gemaakt had, voltooid en Hij hield de zevende dag op met al het werk dat Hij gemaakt had. G'd zegende de zevende dag en maakte hem tot iets bijzonders, omdat G'd toen was opgehouden met al Zijn werk dat Hij als schepper gemaakt had.” (Dasberg-vertaling)

Meteen na de uittocht uit Egypte gaf JHWH de Shabbat weer aan Israël via het Manna. Op de zesde dag moest een dubbel portie geraapt worden omdat er op Shabbat geen Manna viel. Later, in Exodus 31:13 bij de bouw van de Tent van de ontmoeting zegt G'd: Hoe belangrijk de bouw van de Mishkan ook is, “u moet zeker Mijn sabbatten in acht nemen, want dat is een teken tussen Mij en u, al uw generaties door, zodat men weet dat Ik JHWH ben, Die u heiligt.”

Als gelovigen in Jehoshoea haNotsri – Jezus van Nazareth – vieren wij de Shabbat als teken dat wij mogen delen in het Verbond van G'd met Israël, zoals Jesaja 56:6-8 het zegt: “En de vreemdelingen die zich bij JHWH voegen om Hem te dienen en om de Naam van JHWH lief te hebben, om Hem tot dienaren te zijn; allen die de Sabbat in acht nemen, zodat zij hem niet ontheiligen, en die aan Mijn verbond vasthouden: hen zal Ik ook brengen naar Mijn heilige berg, en Ik zal hen verblijden in Mijn huis van gebed.

 

Hun brandoffers en hun slachtoffers zullen welgevallig zijn op Mijn altaar. Want Mijn huis zal een huis van gebed genoemd worden voor alle volken. Adonai JHWH, Die de verdrevenen uit Israël bijeenbrengt, spreekt: Ik zal er tot Hem nog meer bijeenbrengen, naast hen die al tot Hem bijeengebracht zijn.”

Pesach

Pesach is het feest van de bevrijding van Israël uit de slavernij van Egypte.

Op de 14e van de lentemaand Nisan werd een lam geslacht en het bloed aan de deurposten

gestreken. Die nacht ging de verderfengel voorbij aan de huizen met bloed van het lam.

We lezen dit verhaal in Exodus 12.
Als Jehoshoea haNotsri – Jezus van Nazaret – dit feest met zijn leerlingen viert dan legt Hij

een verbinding tussen het lam en zichzelf, volgens Markus 14:22:

“Tijdens de maaltijd nam Hij een brood, sprak de zegenbede uit, brak het brood,

gaf het hun en zei: ‘Neem het, dit is mijn lichaam’.” Ook Paulus verbindt het Pesachlam aan Jesjoea als hij schrijft: “Doe het oude deeg weg en wees als nieuw deeg. U bent immers als ongegist brood omdat ons Pesachlam, de Masjiach, is geslacht”, 1 Korintiërs 5:7. 

Pesach herinnert daarom niet alleen aan de verlossing uit Egypte, maar betekent ook de redding van heel Israël uit de macht van de zonde en de ballingschap vanuit het Vernieuwde Verbond.

Shavoe’ot – Wekenfeest

Shavoe’ot is het feest van de tarwe-oogst. Na de aanbieding van de schoof gerst moet

Israël zeven weken tellen, de dag daarop is het wekenfeest.

Dan worden twee broden van de eerste tarwe in de tempel gebracht,

de eerstelingen voor JHWH. Zie Leviticus 23:15-17.

Het Joodse volk herdenkt op deze dag ook de Verbondsluiting op de Sinai en de gift van de Tien Woorden.

Als volgelingen van Jesjoea denken we aan de uitstorting van de Roeach haKodesh (Heilige Geest/adem) op het Wekenfeest in Jeruzalem. Door de Roeach kregen kregen de apostelen de kracht om de nieuwe Gemeente te vormen.

Tevens ademt Hij de woorden van G'd in de harten van Zijn volk. 

Profetisch is Shavoe’ot een eerstelingenfeest.

Het eerstelingenvolk is Israël en via de Roeach haKodesh wordt een vernieuwd Israël in het leven geroepen vanuit een vernieuwd Verbond.

Chag haMatsot – Ongezuurde brodenfeest

Na de dood van de eerstgeborenen van Egypte op de 15e Nisan wordt Israël door de machtige hand

van JHWH uitgeleid. Bevrijd uit de slavernij mogen ze als volk nu Hem dienen. Chag haMatsot,

het Matzefeest herinnert aan deze redding waarbij hun deeg geen tijd kreeg

om met zuurdeeg gemengd te worden. Verzuurd deeg werkt als gist om het brood te laten rijzen.

In de Bijbel is dit een symbool voor de zonde.

De redding van Israël uit de slavernij van Egypte betekent dat JHWH zijn volk apart zet – hen heiligt voor Zichzelf.

Leviticus 23:6-8 leert ons dat op de vijftiende Nisan het feest van de Ongezuurde Broden is.

Zeven dagen eten we brood zonder gist of zuurdeeg.

De eerste dag is een vrije dag waarop we samenkomen om JHWH te eren.

Ook op de zevende dag hebben we een vrije dag met een heilige samenkomst. 

Als wij onze huizen reinigen van producten met gist en Matzes eten,

dan doen we dit met de gedachte van 1 Korintiërs 5:8: “Laten wij dus feestvieren, niet met oud zuurdeeg, ook niet met zuurdeeg van slechtheid en boosaardigheid, maar met matzes van oprechtheid en waarheid.” Chag haMatsot is het feest van de gersteoogst, de eerstelingenschoof werd de Eeuwige aangeboden op de dag na de Shabbat. De eerstelingen zijn voor JHWH bestemd.

Jom haTroeah - Bazuinendag

De eerste dag van de zevende maand is een speciale Nieuwe Maansdag,

die het Joodse volk viert als Rosh haShanah – Nieuwjaarsdag.

Naar Leviticus 23:23-25 vieren we deze dag door met elkaar samen te komen en dan de bazuin te blazen.

Volgens de Joodse overlevering is op deze dag Jericho gevallen door het blazen

van de zeven priesters op hun bazuinen, Jozua 6:1-5.

Dit doet ons meteen denken aan de zeven bazuinen in het boek Openbaring,

die de vervulling van G'ds beloften aankondigen en de komst van de Mashiach met de zevende bazuin,

Openbaring 10:7 en 11:15-19.

Het doel van Bazuinendag is wakker worden en ons gereedmaken voor de komst van het Koninkrijk van G'd en het herstel van alle dingen.

Jom Kippoer – Grote Verzoendag

De tiende dag van de zevende maand is Jom haKippoeriem, de Grote Verzoendag,

een dag van samenkomst en verootmoediging. We kunnen dit lezen in Leviticus 23:25-32. 
Het is evenals de gewone Shabbat een dag van volstrekte werkonthouding.

Jom Kippoer is bedoeld als een reiniging en heiliging om ons af te stemmen op de komst van het Koninkrijk van G'd.

Soekot – Loofhuttenfeest

Soekot in het najaar is het dankfeest voor de gehele oogst, Leviticus 23:39.

De eerste dag en de achtste dag zijn rustdagen.

Als hutten- of tentenfeest is het een herinnering aan de woestijnreis waar JHWH midden tussen Zijn volk woonde

of tabernakelde en voor hen zorgde. Profetisch gezien is het een afbeelding van het Duizendjarig Vrederijk,

als G'd weer bij Zijn volk zal wonen en Israël een zegen zal zijn in het midden van de aarde.

Ezechiël  37:25-28, Micha 5:6. 

Vieren van het Loofhuttenfeest brengt ons nu al in die sfeer. In Nederland organiseert stichting Moadiem het Loofhuttenfeest

onder het motto: ‘voor wie Jeruzalem te ver is’.

Sh’minie Atsèret – Slotfeest

Loofhuttenfeest vieren we zeven dagen en aansluitend is de achtste dag het slotfeest,

Sh’mini Atsèret – de afsluiting van de hele feestcyclus.

Aangezien de feesten van Israël het grote herstelplan van G'd uitbeelden,

heeft ook dit feest een profetische betekenis:

aan het eind van het duizendjarig Vrederijk is de hele schepping weer met G'd verbonden. 

Dan heeft het werk van Jesjoea haMasjiach zijn voltooiing gekregen en is alles weer zoals bedoeld in het begin.

Met één verschil: het kwaad bestaat dan niet meer. Alles is dan volkomen verbonden met JAHWEH Tsewaot.

Zie 1 Korintiërs 15:23-28.